Kamers met kansen - terug naar startpagina

Locaties
klik & scroll!

Waar vind ik Kamers met Kansen
ZOEKEN
Word nu partner van Kamers met Kansen Nederland!

Nazorg zal onderdeel van straf worden

maandag, 1 september 2008
 
Den haag - Bewindslieden Justitie over recidive: het gaat om wat werkt.
 
 
Minister Ernst Hirsch Ballin en staatssecretaris Nebahat Albayrak van Justitie hebben hun langverwachte aanpak van de recidive (herhaling van een misdrijf) naar de Tweede Kamer gestuurd. Een recent rapport becijferde het aantal criminelen dat binnen zeven jaar opnieuw in de fout gaat op 70 procent. Dat moet de komende zeven jaar met ten minste 10 procent omlaag.
 
 
V: Uw aanpak draait om voorwaardelijke straffen, begeleiding, zorg. Niets over lik-op-stuk, harde aanpak. Het lijkt wel een aanval op de tijdgeest.
A: Hirsch Ballin: ‘Onze aanpak gaat voorbij aan de traditionele tegenstelling tussen hard en zacht. Het gaat ons om wat werkt. Straf en preventie zijn voor ons één.’
 
V: Vindt u dat onderscheid tussen hard en zacht de laatste jaren scherper geworden?
A: Hirsch Ballin: ‘In ieder geval wel in hoe erover wordt gesproken. Er is een roep om strengere straffen, de vraag of taakstraffen wel voldoende zijn.’
A: Albayrak: ‘Het is kortzichtig te denken dat je met alleen vergelding de maatschappij dient. Korte vrijheidsstraffen zonder behandeling zijn de minst effectieve, dat is genoegzaam bewezen.’
A: Hirsch Ballin: ‘Nazorg is niet een aparte afdeling. Wij willen verslavingszorg, psychische zorg, gedragstrainingen en wat dies meer zij integreren in de straffen. Het moet gaan om continuïteit van zorg die het liefst moet worden begonnen nog voor een volgend delict wordt begaan en die ook na de vrijlating niet ophoudt.
‘Dat is vaak veel indringender dan mensen zich voorstellen als we het over ‘zorg’ hebben. Bijvoorbeeld jonge volwassenen die verplicht van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat worden begeleid met het vinden van structuur in hun leven. Daar is niets vrijblijvends aan. Het is veel ingrijpender dan korte gevangenisstraf, in aard en in duur.’
 
V: In recente Kamervragen klonk al verbazing door over de moeite die Justitie zich getroostte om ex-gedetineerden aan een huis te helpen.
A: ayrak: ‘Ik heb toen gezegd: sorry hoor, maar dit is toevallig wel een belangrijk onderdeel om te zorgen dat delinquenten niet weer in de fout vervallen en de overlast veroorzaken waar heel veel Nederlanders last van hebben. Als wij ervoor zorgen dat bij een korte straf de huur wordt doorbetaald, zodat iemand na vrijlating niet meteen weer op straat staat, is dat een van de voorwaarden om recidive te voorkomen.’
Als veel rechters delen van vrijheidsstraffen vervangen door voorwaardelijke straffen, zal het totale aantal gevangenisdagen flink kunnen dalen.
A: sch Ballin: ‘Dat is geen doel op zich. Daar gaat het niet om. Hetzelfde geldt natuurlijk voor de reductie in recidive en uiteindelijk de daling van de totale criminaliteit. Heeft allemaal gevolgen voor de celbezetting. Maar nogmaals: celruimte of geld spelen hierin geen rol. En het belang van een celstraf blijft natuurlijk. Naast de vergelding heeft celstraf bijvoorbeeld het niet te onderschatten voordeel dat mensen nou eenmaal niet kunnen weglopen. Zeven dagen per week, 24 uur per etmaal héb je ze. Het gaat er ons nu om dat die tijd optimaal wordt gebruikt.’
 
 
V: wacht u veel enthousiasme bij rechters en het Openbaar Ministerie?
A: sch Ballin: ‘Ja. Er is behoefte aan meer strafvarianten. Nu aarzelen rechters vaak omdat er te weinig capaciteit is en behandeling te lang op zich laat wachten. Maar we breiden uit. Er komen dit jaar driehonderd plaatsen bij in wat men soms wat huiselijk noemt: ‘de zorgbajes’. Dat aantal stijgt naar 808 plaatsen, 1.208 aan het einde van deze kabinetsperiode.
‘Verder stimuleren we het gebruik van allerlei voorwaardelijke straffen zoals straat- en alcoholverboden en gedragstrainingen. We organiseren voorlichtingsbijeenkomsten voor rechters om onder de aandacht te brengen dat er andere mogelijkheden zijn dan de draaideurcriminaliteit met draaideurvonnissen te beantwoorden.’
Veel nieuwe initiatieven draaien om begeleiding en controle. Wie moet dat allemaal gaan doen? Kan de reclassering bijvoorbeeld al die toezichttaken aan?
A: Albayrak: ‘De reclassering maakt een grote professionaliseringsslag door. Dat doen ze goed. Bezuinigingen zijn achter de rug. We hebben voor 2009 ruim 30 miljoen extra uitgetrokken voor recidivevermindering en daar krijgen zij een flink deel van. Ik heb er vertrouwen in.’
 
 
V:U geeft gedetineerden die hun papieren kwijtraakten of verkochten nieuwe. Dat is lang een struikelpunt geweest.
A: Albayrak: ‘Gemeenten willen eigenlijk alleen zorgen voor hun eigen zorgbehoeftigen. Wie in detentie was, is vaak zijn huis kwijt. Een gedetineerde staat ingeschreven in de gemeente waar hij toevallig gevangen zat. Om zich te laten overschrijven naar de gemeente waar hij hoort, heeft hij weer eerst een identiteitsbewijs nodig. Je moet zoiets samen oplossen.
‘Het begint al met pasfoto’s maken in de gevangenis, of alvast aanvraagformulieren invullen. Alle onderzoeken wijzen uit dat het cruciaal is dat een ex-gedetineerde binnen een dag of drie na vrijlating wat licht aan het einde van de tunnel ziet. Anders dreigt terugval.’
A: Hirsch Ballin: ‘Gedetineerden moeten zich daarom voortaan kunnen inschrijven in de plaats waar ze na vrijlating komen te wonen. Dan kunnen ze daar een identiteitsbewijs aanvragen.’
 
V: Als de oplossing zo praktisch is, dringt zich de vraag op waarom dit allemaal niet eerder is geregeld.
A: Hirsch Ballin: ‘Dat heeft te maken met hoe wij dingen geregeld hebben in dit land. De kwestie van de plaats van inschrijving van een gedetineerde heeft jaren gestagneerd. Rijk, gemeenten en allerlei instanties hebben hierin jarenlang met de ruggen naar elkaar geopereerd. Dat hebben we nu doorbroken.’
 
V: Was u hiermee al bezig in uw eerste ambtsperiode op Justitie, tussen 1989 en 1994?
A: Hirsch Ballin: ‘Toen waren bijvoorbeeld Justitie en de gemeenten volstrekt gescheiden werelden. Justitie voelde zich van alle verantwoordelijkheid ontslagen zodra de detentie was afgelopen. Dat bijvoorbeeld een Gewestelijk Arbeidsbureau, zoals dat toen heette, binnen de gevangenismuren zou komen, kwam in de gedachten eenvoudigweg niet op. Nu doen we dat met het CWI wel.’
 
V: Heeft de Nederlandse overheid in brede zin op deze manier de afgelopen decennia haar eigen hoge recidive helpen organiseren?
A: Hirsch Ballin: ‘Ehm... in zekere zin... Laat ik het zo zeggen: na het laatste gesprek met de Vereniging Nederlandse Gemeenten liep ik naar buiten met toenmalig voorzitter Wim Deetman. Die loopt ook al wat langer mee. Toen hebben we wel tegen elkaar uitgesproken dat dit echt een radicale verandering was. Justitie en gemeenten waren altijd met de ruggen naar elkaar met de eigen zaak bezig.’
 
V: Tien procent reductie van de recidive in zeven jaar, is dat veel of bescheiden?
A: Hirsch Ballin: ‘Dat is ambitieus. Maar we hebben er vertrouwen in dat het gaat lukken.’
A: Albayrak: ‘We wachten ook geen zeven jaar op resultaten, maar laten al aan het einde van deze kabinetsperiode onderzoeken of we op koers zitten.’
A: Hirsch Ballin: ‘Deze aanpak berust op een intens analyseren en in kaart brengen van wat we anders en beter kunnen doen. Hier is heel goed over nagedacht. Dit is het hart van ons beleid.’
 
BRON: Volkskrant web site 30 augustus 2008 Interview van verslaggever Ron Meerhof
 

Nieuwsarchief 2011

Nieuwsarchief 2010

Nieuwsarchief 2009

Nieuwsarchief 2008

Nieuwsarchief 2007

Nieuwsarchief 2006